Staaten Eylandt en de introductie van de mondharp in Noord-Amerika

In 1630 kocht Peter Minuit Рhoofd van de West-Indische Compagnie РStaaten Eylandt voor goederen ter waarde van 60 gulden. Daarmee werd dit gebied volgens Europese normen eigendom van Nederland. De akte vermeldt dat de goederen aangeboden aan de lokale Indianenstamhoofden in ruil voor onbeperkt recht op het land de volgende spullen betrof: mondharpen, ketels, bijlen, schoffels en boorpriemen. De boorpriemen waren van belang voor het maken van wampum, o.a. de lokale valuta: schelpenkralen. Mogelijk was deze ruil de introductie van de mondharp in Noord-Amerika onder de autochtone bewoners. Veel eerder zal de mondharp in elk geval niet bekend zijn geweest bij de Noord-Amerikaanse Indianen.

Bargain of Staaten Eylandt

Tussen 1639 en 1655 deden de Nederlanders meerdere pogingen om een vestiging te bouwen, maar deze werden vernietigd tijdens gevechten met de plaatselijke indianen. Blijkbaar hadden de Indianen een andere perceptie op landrechten. Zij leefden daar ook niet op vaste plaatsen. In 1661 werd de eerste succesvolle vestiging gesticht door een groep Nederlanders, Walen en hugenoten. In 1667 werd dit gebied na Engelse verovering overgedragen aan de Engeland, en werd als Staten Island deel van New York.